direct naar inhoud van Artikel 8 Gemengd - 3
Plan: Bestemmingsplan Stationsgebied - Herenwal e.o.
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0074.002205-VA01

Artikel 8 Gemengd - 3

 

8. 1.       Bestemmingsomschrijving

De op de plankaart voor Gemengd - 3 aangewezen gronden zijn bestemd voor:

a.    gebouwen ten behoeve van:

1.    horecabedrijven, niet zijnde bar/dancings;

2.    woningen;

b.    aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen;

met daaraan ondergeschikt:

c.    woonstraten en paden;

d.    nutsvoorzieningen;

met de daarbijbehorende:

e.    parkeervoorzieningen;

f.     tuinen, erven en terreinen;

g.    bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

8. 2.       Bouwvoorschriften

8. 2. 1. Voor het bouwen van de in lid 8.1. sub a genoemde gebouwen gelden de volgende bepalingen:

a.    de gebouwen zullen binnen een bouwvlak worden gebouwd;

b.    indien een gevelbouwgrens is aangegeven, zal (zullen) per gebouw één (of meer) gevel(s) in de gevelbouwgrens worden gebouwd;

c.    de breedte van een in de gevelbouwgrens gebouwde gevel(s) zal ten hoogste 8,00 m bedragen, tenzij de bestaande breedte van de gevel(s) meer bedraagt, in welk geval de breedte van de gevel(s) ten hoogste de bestaande breedte zal bedragen;

d.    het bebouwingspercentage van een bouwvlak zal per bouwperceel niet meer bedragen dan:

1.    het op de plankaart in het bouwvlak als zodanig aangegeven percentage;

2.    100% indien op de plankaart in het bouwvlak geen percentage is aangegeven;

e.    per op de plankaart in het bouwvlak aangegeven bouwklasse zal de maatvoering voldoen aan de daaraan in het op de plankaart opgenomen bouwschema gestelde eisen.

8. 2. 2. Voor het bouwen van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen gelden de volgende bepalingen:

a.    de aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen zullen binnen een bouwvlak worden gebouwd;

b.    de gezamenlijke oppervlakte van de aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen bij een woning zal ten hoogste 50 m² bedragen;

c.    de gezamenlijke oppervlakte van de aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen zal, met inachtneming van het gestelde onder b, ten hoogste 100% van de oppervlakte van de woning bedragen;

d.    de goothoogte van een aan- of uitbouw, een bijgebouw of een overkapping zal ten hoogste 4,00 m bedragen;

e.    de dakhelling van een aan- of uitbouw, een bijgebouw of een overkapping zal ten minste 30° bedragen;

f.     de bouwhoogte van een aan- of uitbouw, een bijgebouw of een overkapping zal ten hoogste 8,00 m bedragen.

8. 2. 3.  Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen:

a.    de oppervlakte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zal, voorzover gebouwd vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw dan wel het verlengde daarvan, ten hoogste 2,00 m² bedragen;

b.    de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zal ten hoogste 5,00 m bedragen.

8. 3.       Nadere eisen

Burgemeester en Wethouders kunnen, ten behoeve van een goede woonsituatie, de sociale veiligheid, de milieusituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing.

8. 4.       Vrijstelling van de bouwvoorschriften

Burgemeester en Wethouders kunnen, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de sociale veiligheid, de milieusituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, vrijstelling verlenen van:

a.    het bepaalde in lid 8.2.1. onder b en toestaan dat een gevel achter de gevelbouwgrens wordt gebouwd;

b.    het bepaalde in lid 8.2.1. onder d sub 1 en toestaan dat het binnen het bouwvlak gelegen gedeelte van een bouwperceel tot ten hoogste 100% wordt bebouwd, mits:

-       de bebouwing aansluit op de ruimtelijke structuur en het daarmee samenhangende bebouwingspatroon van het aangrenzende gebied 

c.    het bepaalde in lid 8.2.1. onder e en toestaan dat de dakhelling van een gebouw wordt verlaagd dan wel een gebouw wordt voorzien van een plat dak;

d.    het bepaalde in lid 8.2.1. onder e en toestaan dat de dakhelling van een gebouw wordt verhoogd tot ten hoogste 80°;

e.    het bepaalde in lid 8.2.2. onder e en toestaan dat de dakhelling van een aan- of uitbouw, een bijgebouw of een overkapping wordt verlaagd dan wel dat een aan- of uitbouw, een bijgebouw of een overkapping wordt voorzien van een plat dak.

8. 5.       Specifieke gebruiksvoorschriften

Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 23 lid 23.1.1., wordt in ieder geval gerekend:

-       het gebruik van de gebouwen op een bouwperceel voor meer dan 1 woning.

8. 6.       Vrijstelling van de gebruiksvoorschriften

Burgemeester en Wethouders kunnen, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de milieusituatie, de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, vrijstelling verlenen van:

-       het bepaalde in lid 8.5. juncto artikel 23 lid 23.1.1. en toestaan dat gebouwen op een bouwperceel worden gebruikt voor meerdere woningen, mits:

-       de toename van het aantal woningen in overeenstemming is met het door de provincie geaccordeerde Woonplan.