Roek

Overzicht

Ervaart u overlast in de buurt of van uw buren? Of heeft u overlast van bepaalde activiteiten die bij een bedrijf plaatsvinden. Ga eerst zelf in gesprek met de veroorzaker van uw overlast.

 

Vraag en antwoord

Mocht u overlast ervaren, adviseren wij u eerst zelf met de veroorzaker te gaan praten. Een veroorzaker is zich vaak niet bewust van de overlast die hij of zij veroorzaakt. Een goed gesprek met de veroorzaker van uw overlast is meestal een prima begin voor het oplossen van uw probleem.

Wanneer een gesprek met de veroorzaker niet het gewenste resultaat oplevert kan buurtbemiddeling uitkomst bieden. De buurtbemiddelaars helpen partijen samen de problemen op te lossen. Voor meer informatie over buurtbemiddelaars ga naar de pagina over buurtbemiddeling.

Heeft u een klacht die gepaard gaat met risico’s voor de gezondheid of veiligheid van u of van de omgeving dan kunt u dit melden bij de gemeente. Voor andere klachten kunt u terecht bij buurtbemiddeling.

Uw klacht neemt de gemeente in behandeling en onderzoekt deze. De gemeente kan niet in alle gevallen uw klacht wegnemen. Alleen als de veroorzaker een bepaalde wet of norm overschreidt kan de gemeente optreden. De gemeente houdt u op de hoogte over de behandeling van uw klacht.

Niet altijd is het bouwen van een schuurtje, evenement of milieu-activiteit vergunningsplichtig. Kijk bij Vergunningen welke regels er gelden.

Eikenprocessierups

Voorkom klachten en houd rekening met brandharen van eikenprocessierupsen. Laat rupsen met rust en vermijd contact met nesten en spinsels.

Eikenprocessierups gezien?

Hebt u de eikenprocessierups in uw omgeving gezien of hebt u een vermoeden? Bel dan met het meldpunt van de gemeente Heerenveen telefoonnummer 14 0513. Er wordt dan zo snel mogelijk bekeken of het inderdaad de eikenprocessierups betreft en welke maatregelen getroffen kunnen worden.

Klachten?

De eikenprocessierups is een rups die met name in juni/juli en september sterk irriterende brandharen loslaat. Indien u klachten zoals jeuk, huiduitslag, irritatie aan de ogen of aan de luchtwegen krijgt kunt u op de website van de GGD Fryslân zien wat u daar het beste aan kunt doen.

Wat kunt u zelf doen?

Ontwijk bomen waar de rups zit. De brandharen worden namelijk met de wind meegevoerd. Bent u in aanraking gekomen met de brandharen, was of spoel dan uw huid of ogen goed met water. Was zo nodig uw kleding op 600 C. Klachten verdwijnen in het algemeen binnen twee weken, neem bij ernstige klachten contact op met uw huisarts.

Roeken

Als roeken overlast veroorzaken, probeert de gemeente de vogels zoveel mogelijk te verjagen. Dit om lawaaioverlast en risico’s voor volksgezondheid te verminderen. Maar we kunnen het probleem niet helemaal oplossen. We kunnen niet alle roeken verjagen. Daarom zijn er ook gebieden aan de rand van Heerenveen waar roeken mogen blijven nestelen. Dit zijn de zogeheten gedooglocaties.

Wat doet de gemeente met roeken?

De gemeente verjaagt roeken die:

  • zich in kolonies boven of direct naast woningen nestelen
  • zich in kleine groepen verspreiden over de wijken

Op deze manier willen we ervoor zorgen dat er nog maar enkele roekenkolonies aan de rand van de bebouwing overblijven. De zogeheten gedooglocaties liggen op wat grotere afstand van woningen, bijvoorbeeld Hepkema’s bos, La Ronduite en Voormeerzathe en twee bosjes bij De Knipe en Jubbega.

Hoe verjaagt de gemeente roeken?

We verjagen de roeken met alarmpistolen en door nestbeginnen uit te halen. Dit doen we zodra de roeken beginnen met nestelen totdat zij zich ergens nestelen waar ze geen overlast veroorzaken. Naar het broedseizoen toe verjagen we steeds vaker. Dit is een periode van vijf à zes weken per jaar, meestal tussen begin maart en half april. Zodra er eieren zijn, moeten wij stoppen met verjagen.

Lastig verjagen

Probleem is dat roeken zich lastig laten verjagen naar het buitengebied. Zij houden van de bebouwde omgeving en keren elk jaar terug naar de bomen waar ze zijn opgegroeid.
De ervaring leert dat verjagen van alle roeken geen oplossing is. De roekenkolonie verspreidt zich en de roeken zoeken in de omgeving een nieuwe plek. De overlast wordt dan nog groter.

Niet helemaal oplossen

De gemeente kan de roekenoverlast niet helemaal oplossen. Alle reacties van inwoners over roekenoverlast nemen wij serieus en lossen wij op binnen de mogelijkheden die wij hebben. Maar roeken zijn en blijven onvoorspelbare dieren.

Jaarlijks

De gemeente Heerenveen verjaagt jaarlijks roeken op meerdere locaties in de bebouwde omgeving. De meeste roeken bevinden zich in de plaats Heerenveen, De Knipe en in Jubbega. De gemeente heeft een ontheffing van de Flora- en Faunawet, afgegeven door het ministerie van Economische Zaken, Landbouw & Innovatie. Hebt u last van roeken? Neem dan contact op met uw wijkteam.

Rook

Hebt u last van het stookgedrag van uw buren? Ga zelf eerst een gesprek met hen aan. Vaak kunt u onderling afspraken maken om de overlast op te heffen of te verminderen bijvoorbeeld door het stoken te beperken tot bepaalde uren van de dag of het aanpassen van het rookkanaal. Stookt u zelf? Voorkom overlast met onderstaande tips voor het stoken van houtkachels en open haarden.

Grootte van uw kachel

Zorg voor de juiste grootte van uw kachel in verhouding tot de ruimte die u wilt verwarmen. In veel gevallen heeft een kachel een te grote capaciteit. Het wordt dan al snel te warm tijdens het stoken, waardoor u het vuur gaat temperen (smoren). Hierdoor komen er veel meer schadelijke stoffen vrij omdat sprake is van onvolledige verbranding. Op Internet zijn verschillende sites met een rekentool of een grafiek waarmee u de benodigde capaciteit kunt berekenen, in de praktijk is het beter om een specialist in te schakelen hiervoor. Deze specialist kan uw situatie als geheel beoordelen en u adviseren.

Schoorsteen en rookkanaal

Laat uw schoorsteen en rookkanaal goed afstemmen op uw haard of kachel. Met een goed afgestemde en geïsoleerde schoorsteen en rookkanaal worden de rookgassen op de juiste manier afgevoerd. Dit is belangrijk voor uw eigen gezondheid en voor het voorkomen van schoorsteenbranden. Laat een installateur bepalen of uw schoorsteen en rookkanaal geschikt is. Een rookkanaal dat te laag is, of dicht in de buurt van omliggende panden is aangebracht, kan een oorzaak zijn van overlast omdat de rook zich niet goed kan verspreiden. Ook een regenkap op het rookkanaal kan de uitstroom van de rookgassen belemmeren een reden zijn voor een slechte verspreiding.

Schoorsteen vegen

Laat minstens één keer paar jaar uw schoorsteen vegen door een erkend vakman. Regelmatig uw schoorsteen laten vegen voorkomt problemen.

Vuur aanmaken

Maak een houtvuur aan met aanmaakblokjes en kleine houtjes. Het vuur aanmaken met vloeibare stoffen is uit den boze. Een goede methode is beginnen dik hout op de as, daarop losse houtjes en aanmaakblokjes en steek dit aan. Volg de vulinstructies van de kachelleverancier of fabrikant. Stapel het hout losjes, zodat de lucht er goed bij kan.

Droog en onbehandeld hout

Stook alleen droog, onbehandeld hout. Alleen gekloofd hout, dat minimaal twee jaar buiten onder een afdak te drogen heeft gelegen en niet te dik is (max. 7 cm), is geschikt voor uw open haard of houtkachel. U herkent droog hout aan scheuren en loszittende schors. Het stoken van nat hout zorgt voor onvolledige verbranding. Bovendien geeft nat hout veel minder warmte af en leidt het stoken van nat hout eerder tot roetaanslag en schoorsteenbranden. Stook geen hout dat geverfd, gebeitst of geïmpregneerd is. Ook sloophout, multiplex en spaanplaat zijn niet geschikt. Hierbij kunnen (zeer) schadelijke stoffen, zoals chloorverbindingen, PAK’s en zware metalen vrijkomen.

Niet bij windstil of mistig weer stoken

Stook niet bij windstil of mistig weer. Door gebrek aan wind of bij mist blijven rookgassen om het huis hangen. Dit is schadelijk voor uw gezondheid en voor die van uw buren. Een windkracht van minder dan twee op de schaal van Beaufort wordt beschouwd als windstil weer.

Voldoende ventilatie

Zorg voor volledige luchttoevoer. Zet de uitlaatklep naar de schoorsteen volledig open als u begint met stoken. Goede houtkachels zijn voorzien van regelbare kleppen, waarmee de luchttoevoer kan worden geregeld. Zet ook deze kleppen volledig open tijdens het stoken. Als het vuur te heet wordt, kunt u minder brandstof toevoegen. Verminder dan niet de luchttoevoer. Deze omstandigheden zijn met een open haard niet te realiseren.

Controleer zelf

Controleer regelmatig of u goed stookt. U kunt eenvoudig zelf controleren of u goed stookt. Loop even naar buiten om de kleur van de rook uit uw schoorsteen te controleren. Kleurloze rook wijst op een goede verbranding. Gekleurde rook (wit, grijs, zwart, blauw) duidt er op dat de verbranding slecht is. De vlam in de houtkachel moet heldergeel zijn en niet flakkeren. Een oranje, onregelmatige vlam duidt op een niet volledige verbranding. Verbeter bij donkere rook of oranje vlammen de luchttoevoer.

Uitbranden

Laat een houtvuur vanzelf uitbranden. Als u een houtvuur tempert door de luchttoevoer te verminderen, komen veel schadelijke stoffen vrij.