Toespraak burgemeester bij Indiëherdenking 2022

Ieder jaar is er in Heerenveen op 15 augustus de Indië-herdenking. Deze herdenkingsdienst is bij het Indiëmonument in Heerenveen aan het Gashoudersplein. Op 15 augustus was het officiële einde van de Tweede Wereldoorlog in het Koninkrijk der Nederlanden en worden alle slachtoffers herdacht van de oorlog tegen Japan en de Japanse bezetting van Nederlands-Indië.

Hieronder staat de uitgeschreven toespraak van burgemeester Tjeerd van der Zwan.

Beste Mensen,

Vandaag is het 15 augustus en staan we stil bij het officiële einde van de Tweede Wereldoorlog. In Heerenveen doen wij dat elk jaar hier bij dit Indisch monument.
Onze Indiëherdenking is er eentje die steeds is doorgegaan, ondanks de coronabeperkingen. Het is een van de weinige Indië herdenkingen die in onze provincie op deze dag plaatsvindt. Omdat mijn persoonlijke geschiedenis verbonden is met Indië geeft mij dat als burgemeester van Heerenveen een gevoel van voldoening.

Dat de Tweede Wereldoorlog voor het Koninkrijk der Nederlanden eindigde op 15 augustus 1945, zal de gemiddelde Nederlander niet direct voor de geest staan. Nederland is gewend de doden te herdenken en de bevrijding te vieren op 4 en 5 mei. Daar zat ook een zekere logica in: Na de bevrijding van de Duitse terreur werd in Nederland alle energie en aandacht gericht op de wederopbouw. Voor de oorlog in de Oost en de ontberingen die landgenoten daar hebben ondergaan was nauwelijks belangstelling. Als het al over Indië ging was het over hoe wij ons koloniaal bezit tegen de stroom in konden terugkrijgen en behouden.

Herdenkingsmonument Nederlands Indië Gashoudersplein
Indië-monument Gashoudersplein

Sinds ik burgemeester ben is dit denk ik de tiende keer dat wij hier samen in Heerenveen het einde van de Tweede Wereldoorlog herdenken. In die afgelopen tien jaar is de aandacht en belangstelling voor wat er zich heeft afgespeeld in voormalig Nederlands-Indië aanzienlijk toegenomen. Daarbij wordt de geschiedenis steeds scherper langs de morele maatstaf van onze eigen tijd gelegd. De nieuwe generatie vraagt aandacht voor de duistere kanten van onze koloniale geschiedenis. Wie is hier dader en wie is slachtoffer? Wat was het perspectief van de Indonesische bevolking? Wat en wie herdenken wij eigenlijk op 15 augustus?

Als eenvoudige Indische jongen gebruik ik in dit vraagstuk het perspectief van mijn moeder maar als richtinggevend kompas. Het is tenslotte ook haar geschiedenis. Ze is in Semarang op Java geboren en heeft als jong meisje in Bandoeng een onbezorgde en gelukkige jeugd gehad. Samen met mijn opa en oma en tantes en oom heeft ze de oorlog in Japanse interneringskampen doorgebracht. Over de twee atoombommen die de Amerikanen gooiden op Hiroshima en Nagasaki was ze heel duidelijk: hoe verschrikkelijk ook, die bommen vielen net op tijd. Anders had het hele gezin de oorlog niet overleefd. Net zo duidelijk was ze over het streven van de Indonesiërs naar onafhankelijkheid: Volstrekt terecht, het is hun land. Dat was de mening van een vrouw die haar kleine zusje verloor in de gewelddadige Bersiap-tijd, toen Indonesische nationalisten vele duizenden Indische Nederlanders en andere niet-inlanders vermoorden. Een vrouw die ondanks haar eigen persoonlijke geschiedenis de Indonesiërs haar geliefde land van herkomst meer dan gunde.

Vanavond bij de nationale herdenking bij het Indisch Monument in Den Haag krijgt de Indonesische ambassadeur voor het eerst een prominente rol. Hij legt meteen na onze premier de tweede krans. Om zo te laten zien dat we vanavond niet alleen maar Europese slachtoffers herdenken, maar ook Molukkers, Chinezen, Papua’s, Romoesja’s en Indonesische burgerslachtoffers. Ik kan het haar niet meer vragen, maar ik denk dat mijn moeder dat een goede ontwikkeling zou hebben gevonden.

Herdenkend vanuit dat bredere perspectief blijft er voldoende ruimte bestaan om Nederlandse slachtoffers van de oorlog in de Oost specifiek te herdenken. Zo liggen er op erevelden in Indonesië en daarbuiten zo’n 25.000 Nederlandse slachtoffers uit die tijd begraven.
Twee van zulke erevelden liggen in de geboortestad van mijn moeder, Semarang. Eén daarvan ligt tegen een voetbalveld aan. Van Ronald Lepez, die vorig jaar bij onze herdenking aansloot en daar voetbaltrainer is, begreep ik dat de spelers en de trainers daar vandaag bloemen willen leggen. Een bijzondere geste, waarbij Indonesische sporters hun respect tonen voor de Nederlandse gevallenen.

Wij weten dat op deze erevelden ook Nederlandse sporters een plek kregen. Verschillende topsporters kwamen als militair of als burger in Nederlands-Indië om het leven, in interneringskampen of als krijgsgevangene. Een van deze sporters was Pieter de Haan uit Heerenveen. Pieter voetbalde in het eerste elftal van ‘Heerenveen’, samen met onder andere Abe Lenstra. Maar van voetbal kon men toen niet leven. Pieter besloot een militaire opleiding te volgen. Vanuit Nijmegen, waar hij gelegerd was, vertrok hij rond 1 april 1938 naar Nederlands-Indië als KNIL-soldaat. Op 8 maart 1942 wordt Pieter in Bandung door de Japanners opgepakt als krijgsgevangene. Hij overlijdt 10 juli 1943, op 31-jarige leeftijd, uitgeput door dwangarbeid aan de Birma spoorlijn. Zijn familie ontving hierover na de oorlog bericht van het Rode Kruis.
Al die tijd bleven ze onwetend over zijn lot.

Een sporter die de ontberingen in ieder geval fysiek wist te doorstaan en veilig naar Nederland terugkeerde was Max van Gelder, de vader van de welbekende Heerenveense fotograaf Max.

In het leven van Max senior speelde de sport een belangrijke rol. Als vijftienjarige jongen debuteerde hij in 1939 als waterpolokeeper en werd met zijn team meteen kampioen van Nederlands-Indië. Daarna nam zijn sportcarrière een grote vlucht. In mei 1940 zou hij naar Nederland reizen om te gaan sporten en studeren. Maar doordat Nederland bezet werd door de Duitsers moest hij in Batavia blijven. Na de inval van de Japanners werd hij, zoals velen, geïnterneerd. Vanaf maart 1942 zat Van Gelder drieënhalf jaar gevangen. Toen hij het kamp inging woog hij 81 kilo, toen hij eruit kwam nog maar 48.
Als werkend passagier wist hij in mei 1946 met hospitaalschip De Oranje naar Nederland te reizen, samen met zijn aanstaande vrouw. Als keeper van het Nederlands waterpoloteam werd hij Europees kampioen en deed hij mee aan de Olympische Spelen van 1952 in Helsinki. Voor de Olympische Spelen in Melbourne in 1956 was het Oranje waterpoloteam favoriet voor de titel. Tot zijn grote spijt werd hij uit Melbourne teruggeroepen omdat Nederland de spelen boycotte vanwege de Russische inval in Hongarije. Daarna heeft Van Gelder als fysiotherapeut van de Nederlandse ploeg nog drie Olympische Spelen meegemaakt. Tot op hoge leeftijd heeft hij op een hoog mondiaal niveau sportieve prestaties geleverd.
Max van Gelder senior overleed enkele jaren geleden in Heerenveen. Een sporter met een bijzonder Indisch verhaal waarover hij overigens liever niet sprak.

Beste mensen,

Ik heb hier twee persoonlijke verhalen aangehaald, van twee jonge sporters, wiens leven door de oorlog in Nederlands-Indië een heel andere wending kreeg.

Op ons monument staan vijf namen van plaatsgenoten die als militair in Nederlands-Indië zijn gesneuveld. Ook zij hebben allen hun eigen persoonlijke verhaal. Gemeenschappelijk is dat zij allemaal slachtoffer werden van een gewelddadige strijd die zij niet zochten. Hun namen staan voor nu symbool voor alle Nederlandse gevallenen in dat verre land.

Met hen gedenken wij alle slachtoffers van die gecompliceerde strijd in het voormalig Nederlands-Indië, het huidige Indonesië. Of ze nu wit, bruin, zwart of geel waren. Alle levens hebben dezelfde waarde en ze verdienen allemaal onze diepe compassie.

Tjeerd van der Zwan
15 augustus 2022