Feandichter

In april 2016 is Edwin de Groot benoemd tot Feandichter. De Groots eerste termijn loopt tot 1 april 2017, met een optie voor nog een jaar.

Harry de Jong was de eerste Dorpsdichter van Heerenveen. Zijn termijn liep van 1 december 2013 tot 1 december 2015. Zijn gelegenheidsgedichten zijn nog op de website van de SLAH (Stichting Literaire Activiteiten Heerenveen) te lezen. Na een grondige evaluatie besloten de gemeente Heerenveen en de SLAH onlangs om het project dorpsdichter voort te zetten, mede mogelijk gemaakt door een hernieuwde subsidiëring van de gemeente. Er is gekozen om de term ‘dorpsdichter’ te veranderen in ‘Feandichter’, omdat dit beter benadrukt dat het werkveld van de gemeentedichter de gehele gemeente Heerenveen beslaat.

Ter gelegenheid van het einde van het politiek jaar schreef de Feandichter onderstaand stuk.

Politiek en vakantie

De politiek gaat even met vakantie. Verdiend. De meesten van ons in dit land gaan op vakantie. Wij hebben gelukkig dat geluk, die keuze, de vrijheid. Niet iedereen had en heeft die luxe. Ik hoef u de actualiteit van grote tegenstellingen niet te vertellen, de aanvallen op andere levenswijzen, op ander gedachtengoed, de aanvallen op vrijheid, grote aantallen mensen die op de vlucht zijn om wat zij denken, voelen, huis en haard verlaten omwille van hun veiligheid en die van hun kinderen, omwille van simpelweg geluk.
Wie zoekt dat nou niet; geluk.
Nog niet zo heel lang geleden waren onderdak, voedsel en veiligheid in en om Heerenveen ook geen zekerheidjes. Er zat tussen arm en rijk een enorme kloof. Ik neem u mee terug naar het laatste kwart van de 19e eeuw en het begin van de 20ste. Rondom Heerenveen was er grote bedrijvigheid in de turfwinning. Op de website van het Damshûs in Nijbeets staat voortreffelijk verwoord hoe het er aan toe ging en hoe het er voor de veenarbeiders uitzag, slechte huisvesting, geen gezondheidszorg, gedwongen nering en dat dat niet zonder gevolgen kon blijven: (…) Hun erbarmelijke werk-, woon- en leefomstandig-heden waren de
voedingsbodem voor een felle sociale strijd.(…)
Er is door de strijd gelukkig veel veranderd, veel verbeterd, al is het bijzonder dat diegenen die het meest verdiend hebben in die tijd en het minst geleden hebben, straten naar hen vernoemd hebben gekregen, sterker nog, één van hen is de naamgever van ons gemeentehuis. Het is maar hoe je de geschiedenis waardeert. Terugkijkend en direct vooruitziend: er is nog steeds sprake van ongelijkheid in ons mooie land, in onze provincie, in onze gemeente en mijn wens is dat u daar als vertegenwoordigers van de burgers altijd
oog voor blijft houden. We hebben te maken met vluchtelingen, met burgers die zorg nodig hebben. U laat zien in uw acties dat er aandacht voor is en mijn wens is dat dat zo blijft.
Want het negeren van problemen heeft er nog nooit voor gezorgd dat deze verdwijnen.

Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop.
Indien iemand naar mijn stem
hoort en de deur opent,
Ik zal bij hem binnenkomen
en maaltijd met hem houden
en hij met Mij.

Openbaringen 3:20

Hy komt, hy hjit fan Domela

It is fan brún en út ‘en blauwens skinend
hoe’t de stoarm oer de states fan de hearen hinne
op ‘e spitketen oanroljen komt
en kâld oan fee en folk hâldt

de atmosfear him sjen lit as de see
de mar as in roetnachte floed
it klynlân de earms om ‘e hals slacht of wie it in thúsfront
dat in lang fermiste seeman begroetet

en dan dy wyn dy wyn dy’t sa skerp as reid
de skeamele hutten ûnder de roede trochgean lit
sliten boesgroenen minachtet en yn ´e bonken krûpt
fan snotbongeljend hoastjend bernetal

grypstehealstoer feanwurk en winterdeis takken bine
de wrotter docht wat hy docht hopet al net mear
op de ien of oare god dy’t op ‘e doar kloppet
sûnder gejeuzel oer erfsûnde of it nut fan lijen
mar gewoan mei koalen molke en jirpels

hy heart gjin hear foar de doar
of it moat oan ‘e ein fan ‘e wike wêze en de skulden ynbard
troch de man fan de boeken want dat is wat hy docht
garje en boeke foar de hear fan de winkels it fean
en it smûke hûs (no crack in that door, mind you)

dy´t ek gewoan docht wat hy docht
en mocht fan krekt no dyjinge dy ’t fersommet
en klopje op ‘e doar mar it sjongt al:
Us Ferlosser komt
net in hear dy’t dat keart

Eerdere gedichten

De eerdere gedichten van de Feandichter zijn terug te lezen in een document (PDF 78 kB).